In elf provincies zijn monumentale wandkleden gemaakt, ontworpen door kunstenaars en vervaardigd door inwoners. Elk kunstwerk vertelt een eigen verhaal over de provinciale betrokkenheid bij het slavernijverleden. Sinds februari 2025 werkten inwoners van Zuid-Holland aan hun versie, ontworpen door Marcos Kueh. Bekijk dit wandkleed in het Atrium Den Haag of de Nieuwe Kerk te Delft.
Nederland bood recentelijk excuses aan voor het slavernijverleden, en in het hele koninkrijk werd hier een jaar lang extra aandacht aan besteed. Dit herdenkingsjaar stond in het teken van een pijnlijk en lang onderbelicht onderdeel van onze gedeelde geschiedenis. In dit kader startte Ricardo Burgzorg een bijzonder project. In verschillende werkplaatsen in Zuid-Holland werkten inwoners aan een bijzonder wandkleed, geïnspireerd op glas-in-loodramen. Het kunstwerk, ontworpen door textielkunstenaar Marcos Kue, is 35 meter lang en 2,5 meter hoog.
Praktische informatie
Het wandkleed is te zien:
- 6 mei t/m 5 juni 2026: Atrium (Stadshuis Den Haag)
- Juli t/m september: de Nieuwe Kerk te Delft
Bovendien is dit monumentaal wandkleed toegevoegd aan collectie Kunstmuseum Den Haag.
Kijk voor meer informatie op de website van het project.
Ontwerp Marcos Kueh
Marcos Kueh (Sarawak, 1995) is een textielkunstenaar met een achtergrond in grafisch ontwerp en reclame. In zijn werk brengt hij betekenisvolle verhalen in beeld met textiel, net zoals zijn voorouders op Borneo dat deden met dromen en legendes. In zijn artistieke onderzoeksprojecten reflecteert hij vaak op de manier waarop zijn land wordt gepresenteerd: van koloniale beschrijvingen in antropologische musea tot toeristmarketing, en hoe deze beelden botsen met zijn eigen ervaringen.
Voor het ontwerp van het Zuid-Hollandse wandkleed liet Kueh zich inspireren door de glas-in-loodramen van kerken, een verwijzing naar de nauwe verbondenheid van het christendom met de koloniale expansie.
Realisatie wandkleed
Textielkunstenaar Caroline Grootenboer heeft het ontwerp van Marcos Kueh omgezet naar het wandkleed zoals het nu is. Ze heeft ervaring als kunstenares en is gespecialiseerd in textiele technieken, terug te zien zijn in haar kunstwerken ‘Changeable Art’.
Grootenboer heeft het maakproces van het wandkleed inhoudelijk en praktisch begeleid. Onder haar leiding hebben 600 vrijwilligers, meest vrouwen met meer of met minder ervaring, op verschillende locaties aan het wandkleed gewerkt. Het was dan ook belangrijk dat Caroline weet hoe ze haar kennis en ervaring met anderen kan delen.
De vrijwilligers brachten ook hun eigen ervaringen mee met textiele technieken, en ook hun bijzondere verhalen. Zo heeft een vrouw, nazaat van de Banda eilanden, haar eigen ontwerp uitgewerkt in het eerste deel van het wandkleed. Zij heeft het proces als helend ervaren. Daarnaast zijn ook stoffen en kleuren van voorouders meegegeven en verwerkt.
Slavernijverleden Zuid-Holland
De rol van Zuid-Holland in het slavernijverleden is onmiskenbaar. De provincie speelde op verschillende niveaus een belangrijke rol in de kolonisatie van gebieden in het Atlantische gebied en de slavenhandel. Het gewest Holland had zelfs een sleutelpositie in Europa op dit gebied, evenals in de handel van gewassen afkomstig van plantages in de koloniën.
Politiek gezien speelden de Staten van Holland een belangrijke rol, zowel binnen de Nederlanden als daarbuiten. Vertegenwoordigers van Holland waren actieve pleitbezorgers voor financiële steun aan militaire acties tegen slavenopstanden en gingen ver in het verdedigen van de plantagekoloniën. Op onderwijsinstituten in Leiden en Delft werden decennialang koloniale bestuurders opgeleid.
Daarnaast waren stedelijke bestuurders uit Zuid-Holland betrokken bij de oprichting van de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) en de West-Indische Compagnie (WIC). Via Delft werd er vanuit Den Haag veel geld geïnvesteerd in de WIC. Andere steden hadden eveneens nauwe banden met de koloniën, door handel, oprichting van plantages en de verwerking van koloniale goederen. De Dordtse suikerindustrie en de Leidse lakenindustrie zijn hier voorbeelden van. De koloniale handel verhoogde de status en welvaart van elitaire stedelingen, die met de winsten uit de plantages grote buitenhuizen bouwden, tuinen aanlegden en investeerden in verzamelingen. Veel musea, die vaak voortkwamen uit deze rijkdom, doen daarom onderzoek naar hun ontstaansgeschiedenis en de herkomst van collecties in het licht van het slavernijverleden.
Na de afschaffing van de slavernij in 1863 ontvingen slavenhouders financiële compensaties. Tegelijkertijd werd in Suriname grootschalige migratie van Aziatische contractarbeiders georganiseerd, waarbij dwangarbeid en raciale vooroordelen een rol speelden. Economische belangen wogen hierbij zwaarder dan het menselijk welzijn.
Heb je een tip voor een leuke of interessante activiteit?
Je suggesties zijn welkom en helpen ons een mooi en gevarieerd aanbod van activiteiten te tonen. Dank voor je bijdrage!
Ontvang de laatste verhalen in je mailbox
Wil je op de hoogte gehouden worden van nieuwe publicaties? Abonneer je dan op onze nieuwsbrief!