Naar overzicht

Sporen van Javaans-Surinaams erfgoed in Den Haag

Hariëtte Mingoen
19 januari 2026

In Nederland wonen naar schatting 25.000–30.000 mensen van Javaans-Surinaamse afkomst. Bijna een derde hiervan woont in de regio Haaglanden. Vaak worden zij aangezien voor Indische Nederlanders of anders Aziatisch, terwijl hun migratiegeschiedenis voortkomt uit de door Nederland geregisseerde verplaatsing van Javanen naar Suriname om na de afschaffing van de slavernij als contractarbeiders het werk van de slaven over te nemen. Stichting Herdenking Javaanse Immigratie (STICHJI) wilde deze onbekende migratiegeschiedenis zichtbaar maken en de verhalen van de eerste generatie Javaans-Surinaamse emigranten in Nederland documenteren voordat ze verloren zouden gaan.

Voorbereiding en uitvoering

Sinds 2008 documenteert STICHJI verhalen van Javaanse Surinamers die in de jaren 70 uit Suriname naar Nederland zijn geëmigreerd. Het meest uitgebreid was het project 'Javanen in de polder' dat van 2013-2018 verhalen optekende in Noord Brabant en Haaglanden. Het accent lag op het vertrek uit Suriname, de vestiging in Nederland en hoe de Javaanse-Surinamers hun cultureel erfgoed in het nieuwe thuisland beleven en doorgeven. Dit artikel zoomt in op het immaterieel erfgoed in Haaglanden. 

Om het project vorm te geven en te onderzoeken bij welk archief het verzamelde materiaal zou kunnen worden bewaard, zocht STICHJI in 2012 contact met het Centrum voor de Geschiedenis van Migranten (CGM), indertijd met Annemarie Cottaar, historicus en onderzoekster, zowel voor methodische begeleiding bij het opzetten van  interviews, beeldonderzoek en het betrekken van gemeenschappen. Annemarie Cottaar publiceerde veel over migratiegeschiedenis en initieerde het digitale Historisch Beeldarchief Migranten dat later is opgegaan in de website Vijf Eeuwen migratie.

Helaas overleed Annemarie Cottaar in 2021. Ook wilde de stichting onderzoeken of het materiaal voor het CGM van interesse en waarde zou zijn. Dit contact leidde uiteindelijk tot de betrokkenheid van onderzoekster Hanneke Verbeek, verbonden aan het CGM, die onze vrijwilligers handvatten gaf voor interviewen en het analyseren van beeldmateriaal. Met subsidie van Fonds1818 werden bijeenkomsten gehouden om de gemeenschap te betrekken en te bepalen wie en wat gedocumenteerd moest worden. Een team van vrijwilligers: spoorzoekers, interviewers en scanners bracht interviews, foto’s en documenten bijeen.

Opening van de woongemeenschap voor Javaans-Surinaamse ouderen ‘Bangun Trisno’. Op de foto: Paino Resamenawi, de allereerste voorzitter van de woongemeenschap; Hariëtte Mingoen, voorzitter van Stichting Rukun Budi Utama, initiatiefnemer van de woongemeenschap (Collectie STICHJI bij Haags Gemeentearchief, fotografie Matte Soemopawiro)

Bewaring en schenking

Tijdens het verzamelen rees de vraag naar duurzame bewaring. STICHJI ging niet over één nacht ijs. Contact met het Nationaal Archief maakte onderdeel uit van een zorgvuldige afweging. Het Nationaal Archief gaf aan te willen bezien of het materiaal van nationale waarde is. Uiteindelijk koos STICHJI voor het Haags Gemeentearchief (HGA) vanwege de lokale binding en de laagdrempelige toegankelijkheid voor de gemeenschap. Het HGA verwelkomde het initiatief en bood zijn apparatuur aan voor het scannen van beeldmateriaal. 

Op 13 februari 2018 werd de digitale collectie officieel overgedragen. Voor het HGA was dit het eerste migrantenarchief en het eerste digitale archief in hun collectie. Met de wederzijdse officiële ondertekening van een schenkingsovereenkomst, werd het archief in ontvangst genomen door Joris Wijsmuller toentertijd wethouder Stadsontwikkeling, Wonen, Duurzaamheid en Cultuur.  De bijzondere plechtigheid is in opdracht van de HGA vastgelegd en is hier te bekijken.

Bij de overdracht hoorde de tentoonstelling 'Van nieuwkomer tot Hagenees – Javaanse Surinamers in beeld', die gedurende enkele maanden in het Atrium van het Stadhuis te zien was. De schenking omvatte audiobestanden van interviews, uitgewerkte verhalen, foto’s met beschrijving  en documenten over personen, organisaties en ondernemingen. Dit gebaar van STICHJI werd door de gemeente Den Haag als voorbeeld gesteld voor andere migrantengroepen. Een brochure werd gemaakt om migrantengroepen op te roepen archieven beschikbaar te stellen. 

Gamelangroep Bangun Tresna Budaya begeleidt een wayang kulit (toneel met lederen poppen) voorstelling. Orlando Kromopawiro - met oranje tenue - is de dhalang, de verteller (Collectie STICHJI)

Levend erfgoed en persoonlijke stemmen

De eerste generatie Javaanse Surinamers in Den Haag was uiterst actief in het organiseren van sociaal-culturele activiteiten om voor zichzelf een ‘thuis’ te creëren. Reeds in 1976, een jaar na aankomst in Den Haag, ontstond de eerste zelforganisatie ‘Roekoen Boedi Oetomo’, later in de nieuwe spelling geschreven als Rukun Budi Utama (= in harmonie bewegen om iets moois tot stand te brengen). De organisatie was het herkenningspunt voor Javaanse Surinamers.  Dankzij gemeentelijke subsidie voor een activiteitenprogramma in een eigen accommodatie aan de Maziestraat, een zijstraat van Noordeinde, konden culturele activiteiten, cursussen en herdenkingen plaatsvinden. Dit droeg bij aan de zichtbaarheid van de Javaans-Surinaamse diaspora in Haaglanden. 

Een belangrijke mijlpaal was de realisatie van twee woongemeenschappen voor ouderen: Wisma Tunggal Karsa (huis voor gelijkgezinden) en Bangun Trisno (liefde opbouwen), samen goed voor 50 woningen met elk een ontmoetingsruimte. Hier wonen Javaans-Surinaamse ouderen, waarvan sommigen de reis uit Nederlands-Indië naar Suriname hebben gemaakt. Zo ook Diman Matredjo (nu wijlen), die in 1933 ter wereld kwam in Wadoek, een dorp op Midden-Java. Zijn geboortedag is hem niet bekend. In 1939 vertrok hij met zijn ouders naar Suriname. ‘Ook daar had ik geen geboortedatum. Pas toen ik in 1979 naar Nederland verhuisde, heeft mijn Hollandse baas mij er een gegeven. Hij koos voor 1 januari’, vertelt Diman.

Voordat zijn ouders besloten naar Suriname te gaan, werkten ze op een palmolieplantage op Sumatra. Zijn ouders bezaten geen grond en hadden een hard leven na terugkeer op Java. Toen er op een dag mensen verschenen die vertelden over Suriname en het ‘goede leven’ daar, tekenden zijn ouders een contract en vertrokken ze met meerdere personen uit hun dorp naar een depot in Semarang waar iedereen werd geregistreerd. Na twee weken werden ze vervoerd naar Tandjong Priok, de haven van Batavia, waar een schip al lag te wachten.  

In Nederland kwam hij bij familie terecht in Leeuwarden. Werk vinden was niet moeilijk in die tijd, ook al sprak hij nauwelijks Nederlands. Binnen een paar weken kon hij aan de slag in een metaalbedrijf en na drie maanden had hij ook een eigen huis. Hij nam in Groningen actief deel aan een Javaans-Surinaamse culturele vereniging en speelde gamelan. Diman is tevreden over zijn leven in Nederland. Op zijn oude dag geniet hij van een pensioen en een AOW. Hij verhuisde naar Den Haag om dichter bij zijn pleegdochter te wonen. In de woongroep Wisma Tunggal Karsa voelt hij zich thuis: ‘Voor mij maakt het niet uit waar ik woon, zolang ik maar met gelijkgezinden ben die hetzelfde ritme hebben en ongeveer hetzelfde denken en doen als ik. Tussen mijn eigen mensen voel ik me overal thuis’.

Stichting RBU bestaat nog steeds, maar volgt sinds 2017 een andere koers. De ruimte biedende functie is gestopt doordat de gemeente Den Haag de subsidierelatie beëindigde. De organisatie richt zich momenteel op het maken van reportages en documentaires onder de naam Docu125, met als doel verhalen en kennis vast te leggen en Javanen zichtbaarder te maken. Reportages worden uitgezonden onder de naam RBUTV via de Haagse TV zender. 

Tegelijk met RBU zijn in de jaren 80 van de vorige eeuw in Den Haag een aantal organisaties van culturele en  religieuze signatuur ontstaan. Slechts enkele zijn anno 2000 overgebleven. Initiatiefnemers die veelal op oudere leeftijd naar Nederland kwamen, zijn overleden en jongeren hebben weinig belangstelling om de leiding over te nemen. Hun interesse in de geschiedenis en het erfgoed vullen zij op een andere manier in.  

Gelukkig zijn er nog enkele actieve erfgoeddragers.

Bangun Tresna Budaya, met de vrouwelijke muzikanten van de groep. Vroeger was gamelan voorbehouden aan mannen. Daar is een enorme verandering in gekomen. Zowel in Suriname als in Nederland nemen vrouwen deel aan ensembles. (Collectie Bangun Tresna Budaya)

Gamelantraditie

In 1903 werd een set gamelaninstrumenten door de Nederlandse Handel Maatschappij (NHM) ingevoerd in Suriname voor de Javaanse contractarbeiders die voor deze multinational werkten op de suikerplantage Mariënburg. Een set was niet voldoende voor de Javanen die op verschillende plantages werkten en woonden. Zo gingen de Javanen over tot het bouwen van eigen instrumenten. Omdat in Suriname geen brons en koper te vinden was, werd ijzer gebruikt die gewonnen werd uit oude olievaten en treinrails. Zo ontstond een unieke Surinaams-Javaanse variant die tot op heden wordt bespeeld in Suriname en in Nederland. 

De gamelantraditie begon in Den Haag op initiatief van ervaren, seniore beoefenaars die zorgden voor de import van materialen uit Suriname om de instrumenten te maken. Zij  gaven lessen en organiseerden uitvoeringen in de eerder genoemde RBU accommodatie. De gemeenschap in Den Haag leefde op door Javaanse podiumkunsten zoals wayang kulit, ludruk en janggrungan die allen werden begeleid door de gamelan. De stopzetting van de RBU accommodatie was een grote aderlating: de vaste repetitieruimte verdween en men moest uitwijken naar wisselende locaties. Het ensemble nam in 1995 vaste vormen aan en heeft zich officieel geregistreerd als Bangun Tresna Budaya ( = liefdevol bouwen aan cultuur). 

De geschiedenis van de gamelantraditie en de rol van Bangun Tresna Budaya is vastgelegd in de documentaire “Meer dan Kling Klang Klong: De klanken van overleving”, gemaakt door het eerder genoemd productieteam ‘Docu125’ in 2023. De filmdocumentaire is in diverse filmhuizen en op erfgoedbijeenkomsten vertoond en reisde ook naar Finland, Singapore en Suriname. 

Op 10 oktober 2021 werd de Surinaams Javaanse gamelantraditie opgenomen op de landelijke Inventaris Immaterieel Erfgoed. Bangun Tresna Budaya was daarbij een belangrijke partij met nog vier andere Surinaams Javaanse gamelangroepen in Nederland. Samen vormden zij het Netwerk Surinaams Javaanse gamelan. STICHJI was de penvoerder voor deze voordracht.  

Uit de gelederen van Bangun Tresna Budaya is onlangs een jong ensemble, Krawitan Sendang Melatie, ontstaan. Van grote betekenis is Orlando Kromopawiro, de enige persoon die een muziekopleiding heeft gevolgd en met zijn lesbevoegdheid gamelanles geeft. Sinds de begintijd van de gamelan in Den Haag, heeft hij gamelanmelodieën die veelal door de senioren uit het hoofd werden gespeeld, voorzien van notaties. Dit is van onschatbare waarde voor de overdracht aan jongeren.  Over zijn zorgen dat tradities verloren gaan en de rol die hij voor zichzelf ziet om de traditie te beschermen, zegt Orlando: 'Wat ik opmerk is dat facetten van het Javaans cultureel erfgoed langzaam verloren gaan. Tachtig procent van wat we deden, wordt niet meer gedaan. Ik ben bang dat hiermee onze tradities verloren gaan. Mijn ambitie is dat ik erfgoed en tradities zoveel mogelijk wil vastleggen. Mochten in de toekomst jongeren ons ‘verloren’ erfgoed willen herwaarderen, dan kan mijn documentatie hen misschien van dienst zijn.'

Dansgroep Budaya Mekar Sari met in het midden oprichtster Louise (Loes) Dijokromo (nu wijlen) (Collectie STICHJI bij Haags Gemeentearchief)

Budaya Mekar Sari Dancers

Net als bij de gamelan zijn dansgroepen die in de jaren 70 zijn ontstaan, verloren gegaan door vergrijzing en gebrek aan jongerenaanwas. Een uitzondering is Budaya Mekar Sari, gestart in 1995 door Louise (bekend als Loes) Dijokromo. Na haar overlijden zette Mavis Djoewan als artistiek leidster de groep voort en veranderde de naam in Budaya Mekar Sari Dancers. De groep danst traditionele en moderne choreografieën en treedt landelijk op uitnodiging van gemeenten,  erfgoedinstellingen, zorgcentra en festivals zoals Tong Tong Fair en Pasar Malams.

Een fragment uit het verhaal van Loes illustreert dat in Nederland de Javaans-Surinaamse geschiedenis onbekend is: 'De discriminatie merkte ik toen ik als enige vrouw en als gekleurd persoon op een afdeling terechtkwam bij CRM (Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk werk). Ik werkte met mannen en één van ze zei: kind wees blij dat je bent aangenomen. Ik vroeg: waarom moet ik blij zijn? Hij zei, zie je niet dat je de enige bruine bent die hier rondloopt. Hij vroeg ook, waar ik vandaan kwam en wat mijn godsdienst was. Toen ik zei dat ik uit Suriname kwam, zei hij daar wonen toch alleen maar zwarten. Ik heb hem gezegd dat hij slecht geïnformeerd was en de eigen Nederlandse koloniale geschiedenis niet kent... Ik was de enige vrouw en ook de enige gekleurde. Indische mensen waren er wel in Nederland, maar niet waar ik werkte. Ik vond het opmerkelijk dat gezegd werd, dat ik blij moest zijn. Dat is mij sterk bijgebleven.'

Warungs: eethuizen als publieke erfgoedplekken

Javaans Surinaamse eethuizen fungeren als sociale en culturele ontmoetingsplaatsen in Den Haag. De meest bekende zijn:  

•    Djojo (Beeklaan 175) is gestart in 1984, eerst in een pand op de hoek van de Rembrandtstraat en de Stortenbekerstraat, en vanaf 1988 aan de Beeklaan. Eigenares Carmen Karta: 'Als klanten waren de autochtone Nederlanders nog in de minderheid. … Pas omstreeks 1993 is de omslag gekomen en kregen wij veel meer Nederlanders en andere nationaliteiten. Ondanks de culturele diversiteit hebben wij onze menu niet aangepast. Het is nog steeds als in het begin: een authentiek Javaans Surinaamse keuken. Ons succes is vooral te danken aan mond tot mond reclame.'

•    Warung Mini XL (Amsterdamse Veerkade 57a) begon in 1998 als klein afhaalpunt. Door de aankoop van belendende panden kon het uitbreiden tot een modern restaurant.  Inmiddels heeft Warung Mini XL ook afhaalcentra in Rijswijk en Berkel en Rodenrijs.  Eigenaar Winston Soekimo: 'Als mensen Surinaams willen eten, dan denken ze vaak aan afhaal of aan een Surinaamse broodjeszaak. Ik wilde laten zien dat het anders kan. Van een warung naar een restaurant was mijn motto. … Onze klantenkring bestaat voor slechts tien procent uit Javanen. De overige negentig procent is divers van samenstelling: Marokkanen, Turken, Oost Europeanen, autochtone Nederlanders. Ik zie het percentage Javanen wel groeien. Nu kunnen ze eindelijk mensen uitnodigen om Javaans te eten in een restaurant waar ze lekker kunnen zitten.'

•    Warung Kromo (Elandstraat 52) is gestart in 2000 door Robert Kromopawiro: 'Ik zag dit pand aan de Elandstraat en vond het er goed uitzien. Hier stond eerst Toko Happy van een Singaporees. Ik vroeg mijn vader om mij te helpen, zodat ik het kon overnemen. Het was nog voor de invoering van de euro. Ik had 30.000 gulden nodig om de goodwill, inventaris en de vergunning te regelen. …De gemeente, de Voedsel en Warenautoriteit en de Immigratie en Naturalisatiedienst kwamen zes maanden na de opening voor controle. Ze deden een inval zonder vooraankondiging. Omdat ze een Surinaamse vlag zagen, dachten ze misschien dat wij illegalen in dienst hadden en in drugs handelden. Ondertussen heb ik de politie als klant, ze eten hier en ze weten dat ik oké ben. Als de Voedsel en Warenautoriteit komt, kijken ze of het hier netjes is. Soms nemen ze monsters mee voor controle. Als ik niets van ze hoor, betekent het dat het goed is..'

De verhalen van deze Haagse warungs zijn samen met de verhalen van zeventien andere warungondernemers in Nederland opgenomen in het boek Saoto, berkat en dawet. Een kijkje in de keuken van Javaans Surinaamse warungs. Het materiaal is eveneens gebruikt door Hariëtte Mingoen, voorzitter STICHJI, voor een artikel ‘Koloniaal Culinair Erfgoed in Nederland’ dat is gepubliceerd in Oso, tijdschrift voor Surinamistiek en het Caraïbisch gebied.

Een belangrijke conclusie is dat warungondernemers harde werkers zijn die het niet redden met alleen passie om lekker te koken. In Nederland moeten ze voldoen aan horecaregelgeving en worden daarop streng gecontroleerd. Zij gaan met de tijd mee en dat is te merken aan ondernemingsstijl en investeringen. De warungs zijn niet langer alleen gericht op familie. Ze creëren werkgelegenheid en voeren een divers personeelsbeleid. Kansen worden geboden aan jonge mensen van verschillende afkomst, waarmee zij bijdragen aan maatschappelijke participatie en verbinding.  De warungs zijn laagdrempelig en verlenen afhaal en besteldiensten. Het eten is geliefd bij alle groepen in de samenleving en door de relatief schappelijke prijsstelling haalbaar voor iedereen. 

De Surinaams-Javaanse variant van de gamelan is op 10 oktober 2021 in de Immaterieel Erfgoed Inventaris van Nederland gekomen. Hariëtte Mingoen, voorzitter van de stichting Herdenking Javaanse Immigratie was de trekker en penvoerder van de voordracht (Collectie STICHJI)

Vervolgprojecten en impact

STICHJI gebruikte de informatie uit de interviews voor themabijeenkomsten, publicaties en vervolgprojecten. Zo gaven de verhalen een impuls voor een boek over de geschiedenis van de opvang van Javanen in Sint-Michielsgestel en voor behoud van de begraafplaats aan de Schoolstraat in Sint-Michielsgestel waar Javaanse contractarbeiders zijn begraven. Verwaarloosde graven van deze contractarbeiders zijn gerestaureerd én een monument is opgericht ter nagedachtenis aan alle contractarbeiders die in Nederland zijn overleden — dus ook de contractarbeiders die in Haaglanden hun leven lieten.

De collectie in het Haags Gemeentearchief bevat niet alleen bronnen maar vooral stemmen en herinneringen. De citaten en persoonlijke verhalen tonen hoe Javaanse Surinamers in Den Haag hun cultuur verankerden via verenigingen, gamelan, dans, toneel, en door culinair ondernemerschap. Dankzij STICHJI zijn deze verhalen bewaard — als basis voor onderzoek, onderwijs en zichtbaarheid en erkenning van de gedeelde geschiedenis en erfgoed.

Foto boven: Collectie STICHJI bij Haags Gemeentearchief, fotografie Matte Soemopawiro

Meer weten? 

Yvette Kopijn, Hariëtte Mingoen, Stille Passanten. Levensverhalen van Javaans-Surinaamse ouderen in Nederland (KIT Publishers, 2008)

Lisa Djasmadi, Rosemarijn Hoëfte, Hariëtte Mingoen, Migratie en cultureel erfgoed. Verhalen van Javanen in Suriname, Indonesië en Nederland (KITLV Press, 2010)

Lisa Djasmadi, Hariëtte Mingoen, Matte Soemopawiro (fotograaf), Saoto, berkat en dawet. Een kijkje in de keuken van Javaans-Surinaamse warungs (LM Publishers, 2015)

Hariëtte Mingoen, Koloniaal culinair erfgoed in Nederland. Oso. Tijdschrift voor Surinaamse taalkunde, letterkunde en geschiedenis, (2016)

Hariëtte Mingoen: Gamelan - Erfgoed dat dreigt verloren te gaan, in: Michiel van Kempen (red) Het andere postkoloniale oog. Onbekende kanten van de Nederlandse (post)koloniale cultuur en literatuur, (Verloren, 2020)

Sabine Ticheloven: Samen op Beekvliet. De Javaanse Surinamers in Sint-Michielsgestel 1975 – 2017 (LM Publishers, 2024)

Website van Stichting Comité Herdenking Javaanse Immigratie

 

 

Over de auteur

Hariëtte Mingoen is sinds 2000 voorzitter van STICHJI, de Stichting Herdenking Javaanse Immigratie. Ze was lange tijd werkzaam in internationale betrekkingen en ontwikkelingssamenwerking en was onder meer verbonden aan de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) van de Verenigde Naties en het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Ze was actief betrokken bij het oral history project om het Javaans-Surinaamse erfgoed op te tekenen.

0 reacties

Plaats een reactie

Ontdek meer

Heb jij een verhaal over de Zuid-Hollandse geschiedenis?

Welk verhaal mag volgens jou niet ontbreken op deze website? Deel je verhaal of tip met de redactie! Lees de voorwaarden en tips voor het schrijven van een verhaal.

Ontvang de laatste verhalen in je mailbox

Wil je op de hoogte gehouden worden van nieuwe publicaties? Abonneer je dan op onze nieuwsbrief!

Deze website maakt gebruik van geanonimiseerde cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren en voor de analyse van onze website. Deze cookies kun je niet uitzetten. Bij het tonen en afspelen van YouTube video's worden cookies van derden geplaatst. Deze cookies van derden kun je wel uitzetten. Klik op "Akkoord" als je akkoord gaat met dit gebruik van cookies, klik op "Aanpassen" voor meer informatie en om zelf te bepalen welke cookies deze website plaatst.

Deze website maakt gebruik van geanonimiseerde cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren en voor de analyse van onze website. Deze cookies kun je niet uitzetten. Bij het tonen en afspelen van YouTube video's worden cookies van derden geplaatst. Deze cookies van derden kun je wel uitzetten. Klik op "Akkoord" als je akkoord gaat met dit gebruik van cookies, klik op "Aanpassen" voor meer informatie en om zelf te bepalen welke cookies deze website plaatst.