Tijdens de Republiek ontwikkelt zich in Nederland een afkeer tegen katholiek-protestantse huwelijken. Ondanks de latere toename van secularisatie is nog altijd onder de vijf procent van de huwelijken in Nederland religieus gemengd. Onderzoeken tonen aan dat deze huwelijken eerder leiden tot scheidingen dan huwelijken tussen personen die hetzelfde geloof aanhangen. Zijn er desondanks succesverhalen te vinden? Lees het in het ingestuurde verhaal van Joris van der Lugt.
De familie Van der Lugt geeft ons een inkijkje in de wereld van religieuze fluïditeit ten tijde van de Republiek. Met katholieke roots in de Zuidelijke Nederlanden, heeft zij zich in de achttiende eeuw gevestigd in Zuid-Holland. Er groeit een welvarende, katholieke tak die bedrijvig is in Rotterdam. Een andere telg van de familie is protestants geworden, nadat hij verhuisd is naar het Westland. Hieraan ligt een gemengd huwelijk ten grondslag.
Kwestie van tolerantie
Halverwege de zeventiende eeuw klaagt een predikant over religieus gemengde huwelijken, waarin man en vrouw voortdurend in conflict zouden zijn. In zijn verhandeling vergelijkt hij kinderen van deze echtparen met muilezels, die noch van vader noch van moeder een consistente, geestelijke opvoeding krijgen. Ondanks dergelijke waarschuwingen en maatregelen tegen de gemengde huwelijken vinden we in de archieven verschillende voorbeelden van deze trouwinschrijvingen. Toch blijft het katholiek-protestantse huwelijk een incidenteel verschijnsel, tot de groeiende secularisatie na de Tweede Wereldoorlog.
Halverwege de zeventiende eeuw klaagt een predikant over religieus gemengde huwelijken, waarin man en vrouw voortdurend in conflict zouden zijn.
In de Republiek der Nederlanden is calvinisme de officiële godsdienst. Daarmee krijgt het protestantisme een stevigere positie, terwijl het katholieke geloof slechts onder voorwaarden wordt gedoogd. De vraag rijst hoe een katholiek zich staande houdt in deze tijd. In dit artikel dient de van oorsprong katholieke familie ‘van der Lugt’ als case study. In Zuid-Holland dragen verschillende families in de achttiende eeuw al deze naam. Zij zijn alle protestants, onder wie bekende wijnkopers uit Rotterdam. Het spoor van het katholieke geslacht leidt ons om te beginnen naar Dordrecht.
Een Dordtse schuilkerk
Een zekere Jan Pieterse van der Lugt (ca. 1675-1726, geboren 'van der Locht') verhuist begin achttiende eeuw van de Zuidelijke Nederlanden naar Dordrecht. In 1708 betaalt hij een som geld voor het verkrijgen van poorterschap en een jaar eerder trouwt hij in Dordrecht met de Brabantse schippersdochter Machiltje Brouwers (1680-1728). Om welke reden Jan met Machiltje naar deze stad is vertrokken, is onduidelijk. Twee decennia eerder ligt er druk op de katholieken in het prinsbisdom Luik, waar Jan dan nog woont. Of dit invloed op Jans verhuizing heeft gehad, is niet te achterhalen.
De Oud-Katholieke kerk in de Voorstraat, waarin twee van de vier kinderen van Jan en Machiltje worden gedoopt, is al sinds de zeventiende eeuw een schuilkerk. Er liggen destijds in Dordrecht harde restricties op katholieke godsdienstuitoefening. Vrije geloofsuiting is in Jans geval dus niet vanzelfsprekend. Zijn kinderen groeien op met weinig bezit en worden al in 1728 wees. De oudste zoon Jan is dan net twintig en tweede zoon Huijbregt is bijna achttien. Zij verhuizen naar Rotterdam. Van de jongere kinderen Maria en Pieter zijn tot op heden geen verdere sporen gevonden.
Katholieke kuipers
De oudste zoon Jan (1708-1774) krijgt een reeks van welgestelde nakomelingen, die actief zijn geweest als kuipers en kistenfabrikanten in Rotterdam. Het is niet gek dat zij juist in deze stad succes boeken als kuipers, want in de achttiende eeuw raakt Dordrecht zijn handelspositie deels kwijt aan Rotterdam. De nakomelingen van Jan blijven katholiek. Zoon Willem van der Lugt (1742-1810) wordt bovendien voorzitter van het katholieke wezen- en armenhuis, dat eerder onder toezicht van de stadsregering is gekomen. Dat Willem zich verzet tegen de onderdrukking van de katholieken, bewijst zijn deelname aan het patriotse Vrijkorps. Zijn bidprentje vermeldt zijn ‘Strijd voor de Regtvaardigheid ter behoudenis uwer ziel’.
Begin twintigste eeuw doen nazaten van Jan een verzoek tot opname van de familie in het Nederland’s Patriciaat, in de volksmond het Blauwe Boekje genoemd. Als zelfbenoemde elite laat de familie haar genealogie met familiewapen uitwerken, beginnend bij stamvader Jan Pieterse van der Lugt. Saillant is dat van de eerder genoemde zoon Huijbregt slechts zijn doop wordt vermeld. Zijn levensloop en nageslacht worden niet verder onderzocht. Het leven van Huijbregt neemt dan ook een geheel andere wending.
Tussen geloof en platteland
Huijbregt (1710-1772) is nog aanwezig bij de doop van twee neven in Rotterdam. Toch besluit hij in zijn werkende leven om te vertrekken naar het Westland, waar het calvinisme groeit. De bronnen suggereren dat hij daar in een smederij werkt of zelf een smederij bezit. Op eenenvijftigjarige leeftijd gaat hij in ondertrouw met Neeltje van Baalen, maar zij overlijdt nog voordat het huwelijk heeft plaatsgevonden. Een jaar later trouwt hij met Jannetje van der Hout (1736-1814) voor de Nederlands Hervormde Kerk in de Lier. Het register vermeldt Huijbregts ‘Roomsche godsdienst’ tegenover Jannetje, ‘een ledemaat van onse kerck’. Ironisch genoeg wordt twee eeuwen later de schrijver van dit artikel, een afstammeling van Huijbregt, rooms-katholiek gedoopt in Brabant. Zo is de cirkel weer rond.
De trouwinschrijving van Huijbregt roept meer vragen dan antwoorden op. Is hij met open armen door zijn schoonfamilie ontvangen? Trekken Huijbregt en Jannetje één lijn in de opvoeding van hun kinderen? Het is niet noodzakelijk dat Huijbregt wegens zijn partnerkeuze heeft moeten breken met zijn katholieke familie. Huibregts kinderen worden bovendien naar zijn ouders en grootouders vernoemd. In ieder geval verkiest hij het landelijke decor boven een bedrijvig bestaan in Rotterdam. Geloof is daarin niet leidend geweest. Na het overlijden van Huijbregt trouwt weduwe Jannetje opnieuw met een katholiek. Het gezinsleven met Huijbregt heeft haar dus niet weerhouden om nogmaals een gemengd huwelijk aan te gaan. We kunnen daarom voorzichtig stellen dat haar eerste huwelijk een succes is geweest.
Ondernemers in hart en nieren
De Westlandse tak van de familie ‘van der Lugt’ is niet zo vermogend geweest als de Rotterdamse tak van de familie, maar voor ons land heeft zij zich niet minder verdienstelijk gemaakt. Huijbregt staat aan de wieg van een groot nageslacht van Westlandse tuinders. Dit begint waarschijnlijk al bij de tweede generatie. Ook zijn nakomelingen zijn werkzaam geweest in kruidenierszaken en veilinghuizen. De familie raakt ondanks haar aanvankelijke positie als outsider, diep geworteld in de gemeenschap. Aan het begin van de 21e eeuw wonen nog steeds de meeste Nederlanders met de familienaam ‘van der Lugt’ in de gemeente Westland. De Westlandse tuinders behoren tot de grondleggers van de glastuinbouw markt. In deze sector is Nederland tot op de dag van vandaag een wereldspeler.
Verder lezen
Haks, D. (1985). Huwelijk en gezin in Holland in de 17de en 18de eeuw. Utrecht.
Onvlee, S. (7 apr. 2003). In de tolerante Republiek werd weinig gemengd getrouwd. Historisch Nieuwsblad. Nijmegen.
Bronvermelding
- Centraal Bureau voor Genealogie en Heraldiek. (1926). Nederland’s Patriciaat 16. Gebr. Giunta d’Albani.
- Frijhoff, W. T. M., Nusteling, H., & Spies, M. (Eds.) (1998). Geschiedenis van Dordrecht. Deel II: Geschiedenis van Dordrecht van 1572 tot 1813. Uitgeverij Verloren.
- Kaplan, B. J. (2017). ‘For they will turn away thy sons’: The practice and perils of mixed marriage in the Dutch Golden Age. In Piety and Family in Early Modern Europe (pp. 115-133). Routledge.
- Kok-van den Bergh, A.E. (1988). Rotterdam en de katholieke armenzorg. Een vergeten proces. In Rotterdams Jaarboekje 6 (pp. 216-225). Gemeentelijke archiefdienst Rotterdam.
- Noordam, D. J. (1986). Leven in Maasland: een hoogontwikkelde plattelandssamenleving in de achttiende en het begin van de negentiende eeuw. Uitgeverij Verloren.
- Van der Lugt, P. (1999), Van der Lugt in vogelvlucht 1700-2000. (n.p.).
- Van Renesse, L. G. (1658). De Voorsienigheijt Gods in 't beleijt der Houwelicken. Marcus Willemsz. Doornick.
- Vermeulen, W. (2025). Separation Risks of Married and Cohabiting Couples: How Important is the Social Context?. University of Groningen. https://doi.org/10.33612/diss.1179664426.
0 reacties