“Wilhelmus van Nassouwe / ben ik van Duitsen bloed.” De tekst van het Wilhelmus is al eeuwenoud en bijna alle Nederlanders kunnen wel een paar regels meezingen. Toch is het pas sinds 1932 het officiële volkslied. Het Wilhelmus was de opvolger van Wien Neêrlands Bloed door d’aderen vloeit, dat speciaal was geschreven voor het splinternieuwe Koninkrijk der Nederlanden, maar nooit echt aansloeg. In de aanloop naar de Maand van de Geschiedenis – met dit jaar als thema Vorst en Volk – daarom aandacht voor deze voorganger van het Wilhelmus.
Ruud Poortier uit Rijswijk deed onderzoek naar dit eerste volkslied, Wien Neêrlands Bloed. “Het paste in 1815 in de opbouw van de nieuwe natie. De Fransen waren vertrokken, Oranje was terug en Nederland en België vormden een nieuw koninkrijk. Er moesten nationale symbolen komen die de eenheid verbeeldden: een wapen, een vlag, een volkslied,” aldus Poortier. Dat laatste was een initiatief van Jan Hendrik van Kinsbergen, een gepensioneerd admiraal. Hij schreef een prijsvraag uit, die werd gewonnen door de dichter Hendrik Tollens (1780-1856). Elk van de acht coupletten eindigde beurtelings met ‘Voor vaderland en vorst’ en ‘Voor vorst en vaderland’. Tollens, destijds de populairste dichter van het land, won er 500 gulden mee. Later werd hij voor zijn literaire verdiensten – waaronder vele vaderlandslievende gedichten - door Willem I benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandsche Leeuw
Concurrentie
Zijn geesteskind Wien Neêrlands Bloed werd nooit echt populair. Alleen tijdens de Belgische Opstand voedde het de nationale gevoelens ten opzichte van de zuiderburen, die de eenheid van vorst (Willem I) en vaderland (België) met liefde verbraken. Het veel oudere Wilhelmus was wél geliefd. Zo koos Willem III standaard voor het Wilhelmus bij koninklijke en militaire gelegenheden. De positie van het lied van Tollens verzwakte verder toen Wilhelmina in 1890 aantrad en de refreinregel Voor Vaderland en Vorst niet meer klopte. De tekst werd gewijzigd en ingekort, maar ook dat mocht niet baten.
Wilhelmus
“Eigenlijk hadden we in de praktijk twéé volksliederen en dat leidde tot verwarring,” vertelt Poortier. In 1932 hakte de regering de knoop door en koos het Wilhelmus tot het enige echte officiële volkslied. Dat betekende overigens niet meteen het einde van Wien Neêrlands Bloed als lied. Zo werd het in 1981 nog afgedrukt in de bekende zangbundel Kun je nog zingen, zing dan mee.
Vreemde smetten
De reputatie van ons eerste volkslied is een tikje besmet door de tweede regel, waarin het Nederlandse bloed, “van vreemde smetten vrij”, werd bezongen. Tollens verwees hiermee naar de Franse Tijd, een periode die het nieuwe Koninkrijk graag achter zich wilde laten. Tegenwoordig roepen deze woorden eerder associaties op met racisme en extreem-rechts nationalisme.
0 reacties