Geschiedenis van Zuid-Holland de verhalen en de collecties
Het patriottisme was een politieke stroming die tussen 1780 en 1800 de macht van stadhouder Willem V wilde terugdringen.
De patriotten waren teleurgesteld in de stadhouder: zij vonden hem een slappe figuur, die weinig politieke daadkracht toonde en zich te buiten ging aan drank. Geïnspireerd door de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog van 1775-1783, wilden zij een einde maken aan de corruptie van de regenten en meer bestuurlijke macht voor burgers.
In 1781 riep patriot Joan Derk van der Capellen tot den Pol in een pamflet getiteld "Aan het Volk van Nederland" op tot het indienen van petities tegen machtsmisbruik en tot burgerbewapening om de vrijheid te verdedigen. Dit had het gewenste effect: in 1783 werd in Dordrecht het eerste patriottistische exercitiegenootschap opgericht en al snel kwamen er ook elders in de Republiek zulke genootschappen, onder meer in Zuid-Hollandse plaatsen als in Gouda en Overschie.
Hoewel het de patriotten lukte om in sommige stadsbesturen de meerderheid te krijgen, slaagden zij er aanvankelijk niet in om de macht van de stadhouder terug te dringen. In veel grote steden stuitten zij namelijk op een orangistische meerderheid. De partijen bestreden elkaar over en weer met propagandistische middelen – pamfletten, spotprenten, liedjes en beschilderde serviezen –, maar ook door te dreigen met wapens.
In 1784 braken in Rotterdam rellen uit tussen patriotten en orangisten, waarbij de orangisten, onder wie de beruchte vissersvrouw Kaat Mossel, zich ernstig misdroegen. Op 15 september 1785 ontvluchtte Willem V Den Haag, nadat de Staten van Holland hem hadden ontheven van zijn functie als bevelhebber van het Haagse garnizoen.
De patriottische euforie zou maar kort duren. In juni 1787 besloot Wilhelmina van Pruisen, de vrouw van de stadhouder, terug te gaan naar Den Haag om de orangisten daar op te wekken tot verzet tegen de patriotten. Het exercitiegenootschap van Gouda hield haar bij Goejanverwellesluis aan. Daarop stuurde haar broer, de koning van Pruisen, een enorm leger naar de Republiek om de orde te herstellen. Tegen deze overmacht hadden de patriotten geen verweer. Binnen enkele maanden zat Willem V weer stevig in het zadel en was de rust hersteld.
0 Reacties